1 mei in China: consumeren

Het is vandaag 1 mei. Dag van de arbeid. In China. Je zou denken dat ze dat hier groots vieren, maar daar heb ik helemaal niets van gemerkt in ieder geval. Hijskranen zijn gewoon in beweging, winkels zijn open, er is veel vuurwerk op straat omdat er weer een stelletje getrouwd is en ook onze lessen gaan door. Het enige verschil met ‘normaal’ is dat veel Chinezen per vandaag een week vrij hebben. Het is de bedoeling dat ze in die week zoveel mogelijk… consumeren. Dat is volgens de overheid de manier om de welvaart in China verder te bevorderen. En aan dat advies houdt iedereen zich dan ook braaf.

Ik ben vandaag zo moe, dat ik tot nu toe in elke vrije minuut die ik heb slaap. De combinatie van zon en vervuilde lucht van gisteren laat zijn sporen duidelijk na. Ik was in de taalles vanmorgen te moe om goed op te kunnen letten, dus ben ik het rode boekje van Mao maar eens gaan lezen. Dat staat vol met Cruijffiaanse uitspraken, zoals:

‘If a revolutionary party is not carrying out a correct policy, it is carrying out a wrong policy.’

Mao beschrijft uitgebreid hoe de revolutie tot stand zou moeten komen. Gebaseerd op het Marxistisch-Leninistisch denken moeten de arbeidersklasse en de massa aan de slag om ‘imperialism and its running dogs’ te verslaan. De klassenstrijd die moet leiden tot emancipatie van de onderklasse is nobel en nastrevenswaardig, maar er zitten -naast de wellicht 70 miljoen doden die Mao door zijn beleid met betrekking tot The Great Leap Forward en de Culturele Revolutie veroorzaakt heeft- addertjes onder het gras. Om het zo maar even eufemistisch te noemen. Ik quote:

‘Our state is a people’s democratic dictatorship led by the working class and based on the worker-peasant alliance. (…) For instance, to try, arrest and sentence certain counter-revolutionaries, and to deprive landlords and bureaucrat-capitalists of their right to vote and their freedom of speech for a specified period of time -all this comes within the scope of our dictatorship.’

Ik ben pas op bladzijde 40 van de 300 overigens. Ik lees dus nog even verder.

Verder hadden we zojuist Kalligrafieles. De docent schreef als eerste mijn naam op een stuk perkament. Lees van rechts naar links en van boven naar beneden in de eerste twee regels ongeveer dat ik ‘heel groot ben en heel intelligent’. In de derde regel ‘Nederland’ en mijn naam. In de vierde regel de datum (1 mei) en in de laatste regel de naam van de docent. De stempels zijn de beeldmerken van de docent.

This entry was posted in Reizen, Uncategorized. Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*