Toronto/Niagara Falls/Diefenbunker

Eenmaal daar begon het al te schemeren en ik was daardoor zwaar geirriteerd, omdat ik vanuit de CN-Tower (een van de hoogste torens ter wereld, 570 meter hoog) de stad tijdens daglicht wilde zien. Dat lukte net niet. Na ons bezoek aan de toren reden we weer naar Mississauga en op de terugweg aten we bij Jack Astor’s. Op het neonbord met die naam knipperde de letters ‘tor’ de hele tijd aan en uit. Cute. Het restaurant hing vol met Elvis prullaria, het schijnt namelijk dat Elvis er ooit gegeten heeft. Er hing dan ook een bord met de tekst ‘Elvis ate here. (he died).’ Maar het eten was niet zo slecht als dat bord doet vermoeden. Sterker nog, het was ongelooflijk goed, en mijn 3-gangen diner kostte slechts 20 dollar.

Na het eten reden we terug naar Maher’s huis, waar we tien minuten zouden blijven om vervolgens terug te gaan naar Toronto om het nachtleven uit te proberen. Maar met 30 mensen iets snel doen is onmogelijk. Bijna twee uur later vertrokken we pas, waardoor we pas om 00.00 uur in Toronto waren. Daar gingen we naar de nachtclub Lucid. Verspreid over drie zalen werd daar de standaard uitgaansmuziek gedraaid. Veel r&b, house, hiphop, etc. Matig. En ik kon ook al niet drinken om de muziek te vergeten, want ik was de chauffeur. Maar gezellig was het wel, en eenmaal weer terug in Maher’s huis bleef het gezellig tot ongeveer 4 uur.

De volgende dag wreekte dat zich uiteraard. Ik was snel wakker, maar de meeste andere mensen ontwaakten pas rond 12 uur. Uiteindelijk waren we daardoor pas om 3 uur weer in de stad en hadden we maar 3,5 uur om de complete stad te zien. Mijn humeur werd er daardoor niet beter op, want ik had oorspronkelijk juist twee dagen uitgetrokken om de stad te zien, maar toen we in plaats van met 4 met 30 mensen gingen is dat plan dus noodgedwongen helemaal overhoop gegooid. Snel rende ik in mijn eentje naar het Royal Ontario Museum, dat best de moeite waard was. Maar na het Metropolitan in New York verbleekt elk museum eigenlijk, en al helemaal als je in dit museum in Toronto bij bijna alle objecten ziet staan dat het ze door het Metropolitan uitgeleend zijn! Na het museum (in twee uur gezien) rende ik door naar de CN-Tower. Wederom ging ik omhoog, maar dit keer naar de restaurantverdieping en tijdens daglicht. In mijn eentje verorberde ik een -wederom- ongelooflijk goed 3-gangen diner en tijdens de 72 minuten dat ik daar zat draaide de toren 360% rond zodat ik de hele stad kon zien. En dit keer arriveerde ik tijdens daglicht, zag vervolgens de zon ondergaan, en zag daarna de stad in het donker. Super! Vervolgens weer snel terug naar Sears, waar we met de hele groep afgesproken hadden (bijna alle anderen waren alleen maar gaan shoppen) omdat we een boottocht zouden gaan doen. Eenmaal ter plaatse bleek ineens dat niemand meer wilde, behalve ik en Nelson. Heel fijn, voor niets gehaast. In plaats daarvan gingen we dus weer terug naar Maher’s huis. Deze avond besloot ik om samen met ongeveer zeven andere mensen thuis te blijven, de rest ging weer naar een nachtclub. Wij keken Scarface en Troy op de giga-tv. Het werd wederom 4 uur. 

De derde dag was iedereen weer laat op. Maher en zijn zusje Maha hadden een verrassing voor ons: een heus paasontbijt! Met paasbrood, geschilderde paaseieren, chocolade-haasjes, verse jus d’orange en vers fruit bewees Maher opnieuw te gastvrij voor woorden te zijn. Ik bedoel, 30 mensen in je peperdure huis die grotendeels straalbezopen zijn, is niet echt goed voor je inrichting. Maar hij heeft geen seconde geklaagd. Pas om 13.00 uur vertrokken we, met vijf auto’s. Dit keer niet naar Toronto, maar naar Niagara Falls. Die bleken kleiner te zijn dan ik dacht, maar het was nog steeds leuk om ze te zien. De ‘Funstreet’ die daar het centrum van het toeristische gebied is, was meer voor kinderen dan voor ons (er waren ten minste tien wax museums, die er allemaal even slecht uitzagen), dus na een paar uur -nog wel even een vrij grote chocoladereep in de Hersheywinkel getest- hadden we dat ook wel weer gezien en reden we terug naar Toronto.

En vandaag -dinsdag- moest ik er al weer vroeg uit, omdat Herman om 10 uur in Residence Commons stond. De afgelopen dagen had hij Ottawa al uitgebreid verkend en vandaag zou ik met hem naar Diefenbunker gaan, het Koude Oorlog museum van Canada. De reis daarnaartoe was lang. Eerst de O-train naar de laatste stop, vervolgens een half uur met de bus, en tenslotte nog 20 minuten met een taxi. Maar het was de moeite waard! Diefenbunker is een bunker met maar liefst 358 kamers die tussen 1961 en 1963 gebouwd is door de Canadese overheid, om daar de belangrijkste mensen van de regering heen te verkassen mocht er een nucleaire aanval komen. Tot 1994 (5 jaar na de val van de muur dus!) was de bunker bemand, met ongeveer 230 mensen in rustige tijden, tot een full capacity bezetting van 500 ten tijde van potentiële crisissituaties. Foto’s maken mocht helaas niet en dat is jammer, want er is genoeg om te laten z
ien. Ronduit hilarisch was de bathroom area voor de dames. Onze gids Glen vertelde eerst dat er maar twee dames in de bunker werkten en liet ons vervolgens die wasruimte zien: 14 (!) wasbakken en dito aantal spiegels op rij! Net genoeg!

Na het anderhalf uur durende bezoek aan het museum sjeesde ik terug naar Carleton, want ik had om 18.05 uur college. Ik rennen, blijkt er geen college te zijn. Klaslokaal leeg en donker, geen briefje niets. Maar schijnbaar wist iedereen het, want er was niemand. Nergens kon ik een aankondiging vinden dat er geen college was. Vreemd. Maar goed, die tijd gebruik ik nu dus maar om mijn blog even vol te schrijven. En om 21.00 uur gaat de tv aan: Invasion Iowa aflevering 1!!!!

Meer foto’s op www.xs4all.nl/~locuta/canda/toronto





This entry was posted in Reizen, Uncategorized. Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*