Terrorisme: bestrijden of voorkomen?

Zien doe je door afstand te nemen

 

In het verhitte debat over terrorisme moeten we vooral niet vergeten dat er voor 9/11 al meer dan 9.000 terroristische aanslagen wereldwijd zijn gepleegd. Je kunt je afvragen of de aandacht voor terroristische aanslagen in het algemeen niet veel te lang onderbelicht is geweest. Niet alleen in Nederland, maar met name ook in een land als de Verenigde Staten, dat na de Koude Oorlog als enige overgebleven supermacht een leidende rol heeft op het politieke wereldtoneel, of we dat nu leuk vinden of niet.

 

Toen na 9/11 de schijnwerpers wel op terrorisme werden gericht, bestond de reactie uit vergelding en oppressie. Vergelding door de wereldwijd gedragen beslissing van de VS om Afghanistan binnen te vallen en later een pre-emptive strike van diezelfde VS tegen Irak. En oppressie door de privacy van burgers aan banden te leggen onder het mom van veiligheidsmaatregelen. En dat laatste gebeurt niet alleen in de Verenigde Staten, maar wereldwijd.

 

Deze reactionaire benaderingswijze heeft geleid tot diepere haatgevoelens van wat we het Midden-Oosten noemen en een toegenomen afstand in de wederzijdse belevingswerelden van Oost en West. Door westerse samenlevingen gedragen waarden als democratie, liberalisme en secularime worden niet overal erkend en de agressieve manier waarop het westen deze waarden probeert op te leggen aan andere samenlevingen wekt steeds meer afschuw op in plaats van begrip. ‘To make the world safe for democracy’ was lange tijd de slogan van de VS. Maar voor het Midden-Oosten, de derde wereld en in andere minder (economisch) fortuinlijke gebieden op de planeet leek het meer op ‘To make the world safe for multinationals’. Het gat tussen arm en rijk werd en wordt alleen maar groter en de zogenaamde democratisering van de VS in landen als Afghanistan en Irak lijkt niet bedoeld om de bevolking meer zeggenschap te geven, maar juist om ze stil te houden, te sussen, zodat Amerikaanse en andere westerse bedrijven eenvoudiger de economische bronnen van dit soort landen kunnen uitbuiten. In dat opzicht is de echt oprechte verbazing van de VS over 9/11  met name voor niet-Amerikanen onbegrijpelijk, maar wel enigzins te verklaren, als je ziet welke oogkleppen de VS bewust heeft opgezet.

 

En het is ook begrijpelijk dat de VS niet goed weten hoe ze om moeten gaan met terroristische dreigingen. Ten tijde van de Koude Oorlog volstond de deterrence tactiek nog: produceer zoveel mogelijk kernbommen om de vijand af te schrikken om zelf dit soort wapens in te zetten. Maar tegen terroristen helpen dit soort wapens niet, vandaar ook dat de VS de ‘First Strike’ doctrine invoerden, waarvan de strekking ongeveer als volgt luidt: ‘Als Amerika zich bedreigd voelt, dan vallen we aan, desnoods zonder hulp van de Verenigde Naties.’ Als enige overgebleven hegemoon is de VS als enige in staat om dit soort tactieken toe te passen, met een defensie budget dat als het zich verder door ontwikkelt zoals nu binnen niet al te lange tijd groter zal zijn dan alle landen op de wereld bij elkaar. Of het verstandig is om dit soort tactieken toe te passen is een tweede.

 

Waar Clinton nog probeerde om democratie te verspreiden door overleg, overtuiging en door te proberen economische integratie te bevorderen, koos Bush na 9/11 voor de militaire aanpak. Democratiseren door landen aan te vallen. Dat dit alleen maar koren op de molen voor terroristen was, leek lange tijd een blinde vlek te zijn voor de Amerikanen. Zelfs toen Bush in zijn Inauguration Speech het woord ‘freedom’ 49 keer in zijn mond nam en aankondigde dat de VS meer samen zou gaan werken met internationale organisaties (lees: de VN) in een poging om het vrije woord te verkondigen in naties waar dit nog niet erkend werd, leek de agressieve aanpak nog niet geheel verdwenen. Zo is Condoleezza Rice momenteel in Europa, niet alleen om beschadigde relaties te herstellen, maar ook om ons er wellicht op voor te bereiden dat er een nieuwe aanval komt tegen een van de ‘axis of evil’, namelijk Iran. Chomsky zou zeggen dat dit soort ‘humanitarian intervention’ gewoon ouderwets imperialisme is.

 

Wat daarbij ook opvalt, is de eenzijdige aandacht voor moslimterrorisme. Eén van de redenen van de VS om Afghanistan aan te vallen, was dat er trainingskampen voor moslimstrijders in Afghanistan waren. Maar dat er op Amerikaanse bodem trainingskampen zijn van Amerikaanse (!) extreem-rechtse groeperingen die op eigen bodem aanslagen willen plegen tegen Joden, zwarten en homosexuelen, dat wordt voor het gemak even vergeten. Een zwarte familie die wakker werd omdat er een brandend kruis in hun voortuin stond werd in een rechtzaak afgewimpeld met het commentaar dat dit nu eenmaal freedom of speech was, komt in een nog triester daglicht te staan als je weet dat het verbranden van een simpele stof wel tot veroordelingen kan leiden. Het beschermen van mensen is immers minder belangrijk (schijnbaar) dan het beschermen van de stof in kwestie: de Amerikaanse vlag.

 

Natuurlijk is moslimterrorisme een belangrijke, grote dreiging. Maar de eenzijdige aanpak en de eenzijdige blik op wat er bestreden moet worden is misschien wel een nog grotere dreiging. Lone wolves zijn nauwelijks te stoppen, maar om de grote terroristische groeperingen aan te pakken zou er nu eindelijk wat meer naar de onderliggende frustraties van (potentiële) terroristen gekeken moeten worden. Waarom wel Irak en Afghanistan, maar niet Tsjetsjenië en Sudan?


Denk aan die andere speech van George Bush, de State of the Union van vorige week. Als er daar één thema absoluut centraal stond, dan was het wel economie. Al
les draait in Amerika om geld. En misschien is een van de grootste frustraties van zowel steeds grotere groeperingen in het westen, als in de derde wereld en het Midden-Oosten dat er meer is dan geld alleen.

 

Wellicht is er toch ergens een alarmbelletje gaan rinkelen bij de Amerikanen, waardoor ze nu toch langzaam weer richting samenwerking via de Verenigde Naties neigen, maar het zal een moeilijk en lang(zaam) proces worden. De opdracht aan Nederland is om ook goed in de gaten te blijven houden wat de oorzaak is van de frustraties van niet-westerse bevolkingsgroepen. Kijk om je heen, stel je voor dat je Marokkaan bent en op zoek bent naar een baan. Hoe wordt er dan naar je gekeken? Wat denken mensen als ze je niet-Nederlandse naam zien? Is Nederland wel zo tolerant?

 

Om echt te kunnen zien welke maatregelen noodzakelijk zijn om terrorisme te voorkomen (hetgeen mij veel belangrijker en interessanter lijkt dan het bestrijden van terrorisme), moet er afstand genomen worden van de waan van de dag. Wanneer gaan we nu eens echt nadenken over wat de westerse samenleving op deze planeet aanricht met haar eenzijdige focus op economische ontwikkeling –voor onszelf-? Elke oorzaak heeft zijn gevolg. De gevolgen hebben we nu gezien, laten we nu eens serieus op zoek gaan naar de oorzaken.

 

KV

This entry was posted in Politiek, Uncategorized. Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*