Democratie in gevaar ondanks historische opkomst

Vier jaar lang hebben de Democraten uitgekeken naar de presidentsverkiezingen van 2020. Al die tijd hebben ze het vooral zichzelf verweten dat ze in 2016 niet genoeg enthousiasme op konden brengen om op Hillary Clinton te stemmen en daardoor onverwachts met Donald Trump opgescheept zaten.

Dat zou ze geen tweede keer gebeuren en daarom werd al vroeg opgeroepen om snel en – mede vanwege corona – per post te stemmen. ‘I will crawl over broken glass to vote him out’, twitterde een Joe Biden-supporter meer dan een jaar geleden al. Het enthousiasme was er nu wel en dat bleek dinsdag op verkiezingsdag ook: waar in 2016 bijna 66 miljoen mensen op Hillary Clinton stemden, loopt de teller voor Biden nu richting de 80 miljoen.

De motivatie bij de Republikeinen was echter net zo groot. Veel Trump-supporters vonden dat Trump zijn verkiezingsbeloftes had waargemaakt: van het vertrek uit het Klimaatakkoord tot de bouw van de muur, en van het benoemen van conservatieve rechters tot deregulering. Ook identiteitspolitiek speelde een grote rol in de groei van de steun voor Trump. Dat hij tienduizenden keren loog of de waarheid anderszins geweld aan deed, interesseerde Trump-supporters niet zo. Hij ging dan ook van 63 miljoen stemmen in 2016 naar zo’n 75 miljoen stemmen dit jaar.

Dat klinkt allemaal positief: er wordt meer gestemd en er is zelfs sprake van de hoogste opkomst sinds 1900. Maar het verkiezingsproces zelf is door Trump sterk onder druk gezet. Hij dreigde woensdagochtend zelfs met een stap naar de Supreme Court om zo het tellen van de stemmen te stoppen, wegens vermeende fraude.

Angst

Schijn bedriegt dus: het democratische proces is er bepaald niet mooier of beter op geworden. Een belangrijke motivator voor de massale opkomst – bij beide partijen – was angst voor verkiezingsfraude en corruptie. Met name bij de Democraten speelde dit heel erg: Trump heeft al veel instituties (wetenschap, zorg, recht) aangevallen, ze vreesden nu ook een aanval op het democratisch proces zelf.

Zo’n aanval is niet nieuw. We herinneren allemaal de hertelling in Florida nog in 2000, met de doordrukbare stembiljetten. Dat lijkt bijna kinderspel vergeleken met wat er nu allemaal gebeurt. Al in de aanloop naar verkiezingsdag waren meer dan 300 rechtszaken in de verschillende staten gestart. Nu het zo close is, komen er nog vele bij. De een is nog onvoorstelbaarder dan de ander.

‘Je moet gewoon netjes wachten tot alle stemmen geteld zijn. En niet de verkiezingen proberen te stelen’

In Texas maakten de Democraten en de Republikeinen eerder dit jaar afspraken over coronaproof stemmen, onder meer via een drive thru. Nádat er 127.000 stemmen op deze wijze waren uitgebracht – overwegend in Democratisch gebied – spanden de Republikeinen ineens een rechtszaak aan: er zou sprake zijn van een ‘illegal expansion of curbside voting’. De Republikeinen wilden dat de stemmen ongeldig zouden worden verklaard. Dat is niet gebeurd, maar drive thru’s op de verkiezingsdag zelf werden gecanceled.

In de staat Pennsylvania is het echter nog gekker. Daar bepaalde de Republikeinse meerderheid dat stemmen die per post waren gestuurd (overwegend door Democraten) pas geteld mochten worden nadat de stembussen 3 november zouden sluiten. Op deze wijze zouden de eerste resultaten in deze belangrijke swingstate gunstig uitvallen voor Trump, namelijk via de persoonlijk uitgebrachte stemmen op verkiezingsdag zelf. Waarna Trump zou kunnen klagen dat het absurd was dat hij ondanks zo’n enorme voorsprong de winst nog niet eens toebedeeld kreeg.

Wereld op z’n kop

En dat is ook precies wat er gebeurde. Nog voordat de stemmen geteld konden worden, stelde Trump al dat dit fraude zou zijn. De wereld op zijn kop: het is juist fraude als je tijdig uitgebrachte stemmen níet zou tellen. En vergis je niet: er worden altijd nog stemmen geteld na de verkiezingsdag. Dat waren er In 2016 nog zeven miljoen. Maar dat is doorgaans niet relevant, omdat de uitslag al duidelijk is.

Dat is nu niet zo, dús moet je gewoon netjes wachten tot alle stemmen geteld zijn. En niet de verkiezingen proberen te stelen en zo weer een stukje wantrouwen in de Amerikaanse instituten en systemen creëren.

Op het moment van schrijven wordt er nog geteld. Ik hoop dat daarmee kan worden doorgegaan, zonder politieke inmenging. In een democratie hoort elke stem te tellen en dus ook te worden geteld.

Kirsten Verdel is communicatie- en mediastrateeg en senior adviseur bij Dröge en van Drimmelen. Zij was campagnemedewerker bij Barack Obama tijdens de verkiezingen in 2008.

Dit opiniestuk verscheen in het Financieele Dagblad op 5 november 2020.
De illustratie is van Hein de Kort

This entry was posted in Uncategorized. Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*